|
"Wie in Duitschland werkt dient het Nederlandsche volk". Anoniem affiche. Datering: 1942. "Op bevel der Duitsche Weermacht moeten alle mannen in den leeftijd van 17 t/m 40 jaar zich voor den arbeidsinzet aanmelden". Anoniem affiche. Datering: 1944. Het wegvoeren van de tijdens de razzia's opgepakte mannen (17-40 jaar) in de Burgemeester le Fèvre de Montignylaan. Foto van H.F. Grimeyer. Datering: 10/11/1944 t/m 11/11/1944. Dwangarbeiders die zijn teruggekeerd uit Duitsland verzamelen zich op het plein voor Station Delftse Poort. Foto van H. van Langelaar. Datering: 02/06/1945. De in Duitsland tewerkgestelde arbeiders worden bij hun terugkeer onthaald door familieleden. Foto van J. van Rhijn. Datering: 06/1945. Bekijk ook Zwangsweise kölsch — dwangarbeid in duitsland, een website gemaakt naar aanleiding van een onderwijsproject over dwangarbeid
Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn 8 à 10 miljoen buitenlandse dwangarbeiders in Duitsland tewerkgesteld. Het ging daarbij zowel om mannen als om vrouwen. Zij werden voornamelijk ingezet bij grote bedrijven in de oorlogsindustrie. Ongeveer 600.000 Nederlandse mannen werden weggevoerd naar Duitsland. Onder hen bevonden zich bijna 100.000 Rotterdammers. WervingDe Duitsers hanteerden verschillende methoden voor het werven van dwangarbeiders. Toen het werven van vrijwilligers door middel van een propagandacampagne (“Ook zoo tevreden? Hij werkt in Duitschland”, luidde de leus) te weinig arbeidskrachten opleverde, werd overgegaan tot het ‘uitkammen’ van bedrijven. Personen die voor een bedrijf niet per se onmisbaar waren, werden naar Duitsland gestuurd. Daarna riepen de bezetters hele jaarklassen op, ontwikkelden nieuwe registratiemethoden van werkzame mannen en gingen tenslotte over tot grootscheepse klopjachten, de razzia's. De voor de Duitsers meest succesvolle razzia heeft in Rotterdam plaatsgevonden.
Fragment van een interview met iemand die vrijwillig in Duitsland gaat werken De Razzia van RotterdamDe razzia van 10 en 11 november 1944 kwam voor Rotterdam als een donderslag bij heldere hemel. Op 9 november dirigeerde de bezetter op onopvallende wijze troepen naar de verschillende invalswegen van de stad. Dat was het begin van Aktion Rosenstock. Op 10 november vond de razzia plaats in Schiedam, Rotterdam-Zuid en in de buitenwijken ten noorden van de Maas. Door de Duitsers werden huis-aan-huis pamfletten verspreid met bovenaan het dreigende woord ‘BEVEL’. Een dag later werd de klopjacht in het Rotterdamse centrum voortgezet. 50.000 mannenDe Duitsers pakten tijdens de grootschalige razzia ongeveer 50.000 Rotterdamse mannen in de leeftijdscategorie van 17 tot 40 jaar op. De meeste van hen werden direct afgevoerd, anderen moesten op de diverse provisorisch ingerichte verzamelplaatsen in de stad, zoals in de Kuip, wachten. Het wegvoeren van de mannen geschiedde per trein, per schip of te voet. Ongeveer 10.000 mannen kwamen in Oost-Nederland terecht, 40.000 werden er in Duitsland tewerkgesteld. Ruim 20.000 Rotterdamse mannen uit de gezochte leeftijdscategorie slaagden er ondanks aanhoudende huiszoekingen en klikkende buren in uit handen van de mensenjagers te blijven. Weerbare mannenVaak wordt gedacht dat de grote razzia van november 1944 bedoeld was om dwangarbeiders voor de Duitse oorlogsindustrie te werven. In werkelijkheid was dat echter een bijkomstig doel. De bezetter wilde door middel van de razzia in de eerste plaats alle weerbare mannen uit West-Nederland verwijderen. Daarmee hoopte men te voorkomen dat ondergrondse strijders de Duitse troepen tijdens het oprukken van de geallieerden zouden tegenwerken. Toch vormde de Arbeitseinsatz wel het kader waarin dergelijke razzia’s konden plaatsvinden. Werk- en levensomstandighedenOngeveer 3000 slachtoffers van de Rotterdamse razzia kwamen in Kassel terecht. Die stad beschikt over oorlogsindustrie waar onder meer wapens en vliegtuigen worden geproduceerd. De dwangarbeiders werden in Duitsland veelal ondergebracht in barakkenkampen, waar de levensomstandigheden vaak zeer slecht waren. Er was voedselschaarste, de slaapplaatsen waren zeer slecht, de barakken zaten vol ongedierte, er waren onvoldoende sanitaire voorzieningen en er was een gebrek aan kleding en schoeisel. De dwangarbeiders maakten vaak lange werkdagen en moesten zwaar sjouw- en graafwerk verrichten. Bovendien moesten zij bij luchtalarm vele angstige uren in bunkers en schuilkelders doorbrengen. SlachtoffersNa afloop van de oorlog keerden de meeste dwangarbeiders huiswaarts als Displaced Persons. Veel mannen keerden gewond of getraumatiseerd terug. Tijdens de tewerkstelling in Duitsland zijn ten gevolge van ziekte, ondervoeding, bombardementen en andere oorlogshandelingen tussen de 24.500 en 29.000 Nederlanders omgekomen. Van de ongeveer 100.000 Rotterdamse dwangarbeiders zijn enige duizenden niet levend in de havenstad teruggekeerd. |
| Volgende > |
|---|